6 ERFGOEDKRANT HASPENGOUW I OKTOBER 2025 De kapel werd in 1714 ingehuldigd, precies een jaar voordat de initiatiefnemer overleed. De latere bouw van een schooltje met internaat bij de kluis heeft hij wellicht niet meer meegemaakt. Maar dat het goed gedijen was in Vrijhern blijkt uit het feit dat na hem de kluis door twee dozijn kluizenaars – meestal lekenbroeders – bewoond werd. ‘In 1904 trok de laatste broeder Martinus Brepoels de deur achter zich dicht nadat zijn medebroeder Lambertus Meesters overleden was’, volgens Noel. ‘Datzelfde jaar nog verkocht de COO de resterende inboedel en werd de geseculariseerde kluis verpacht als boerderij, terwijl de kapel haar functie behield en de pastoor van Riksingen er de diensten verzorgde. De ‘kluisboerderij’ verkommerde gaandeweg totdat in 1968 broeder August Hansen en zijn broer Guido uit Henis zich erover ontfermden en haar geleidelijk aan restaureerden. Daarna werd de kluis opnieuw een plek voor ontmoeting en geloofsbeleving.’ Hoeveel uren en dagen ze er precies mee bezig zijn, en er nog zullen aan werken, kunnen Chantal Swerts en Arnould Daenen bij benadering niet zeggen, maar laat ons het op héél veel houden. Vanuit de gedachte ‘Het behoud van ons collectief geheugen begint bij het zorgvuldig beheren van archieven’ begon- nen ze in 2019 met de inventarisatie en het digitaliseren van het archief van de Kluis van Vrijhern. Het is een monnikenwerk. Zeg maar, meer toepasselijk: een kluizenaarswerk. Het vergde van beide enthousiastelingen veel geduld, tijd, zorgvuldigheid, concentratie en volharding. ‘Het uitgangspunt was in eerste instantie om het eigen archief van de Studiegroep dat betrekking heeft op de Kluis van Vrijhern, samen met het archief van de kluis te inventariseren, te klasseren, te nummeren en te omschrijven. Zo worden ze voortaan makkelijker terug te vinden, voor wie dan ook’, zegt Noel. ‘Al de stukken werden eveneens gescand, gedigitaliseerd en in een databank opgenomen. Het ging om originele documenten die nog uit de Kluis kwamen en beheerd werden door de Vrienden van de Kluiskapel, en documenten uit het archief van de Studiegroep: van het eertijdse Bureau de Bienfaisance, de Armentafel en de kerkfabriek van Riksingen, en de Commissie van Openbare Onderstand – de voorloper van het OCMW – van Riksingen en Hoeselt en nu dus Bilzen-Hoeselt.’ Noel geeft uitleg over het ontstaan van de Kluis van Vrijhern: ‘Het gehucht Vrijhern ontstond nabij een Romeinse villa in het Steenbroek, het natuurgebied op de grens met Sint-Huibrechts-Hern en Neerrepen. Tot 1793 was het een piepkleine woonkern die op bestuurlijk vlak deel uitmaakte van Tongeren, dat op zijn beurt tot het Prinsbisdom Luik behoorde en op kerkelijk vlak afhing van de kapel van Riksingen. Het was een afgelegen buurt en een uitgelezen plek voor wie rust en stilte zocht. Dat moet ook broeder Geurt Van Elst gedacht hebben. Hij bouwde in dit godvergeten landschap, niet ver van de Annakapel langs de heirbaan Tongeren-Bilzen, een hermitage: een bescheiden hut voor een heremiet of kluizenaar, als voorloper van de latere echte kluis. Wanneer dat precies gebeurde is niet geweten, wellicht halverwege de 17e eeuw.’ In 1677 sloeg het noodlot toe en ging Geurts’ kluis in de vlammen op. Hij liet echter het hoofd niet hangen en bouwde een nieuwe kluis, maar ook die werd in 1703 gedeeltelijk verwoest door Franse troepen die onze contreien bezetten tijdens de Spaanse successieoorlog. Geurts’ opvolger, broeder Jacobus Vandebrouck uit Hasselt, bouwde daarop een nieuwe kluis. Daarnaast kwam – na drie pelgrimages naar het bedevaartsoord Loreto – een exacte kopie van de Italiaanse kapel, ook wel ‘Het Heilig Huisje van Nazareth’ genoemd. ‘Het originele relaas van zijn boeiende reizen hebben we teruggevonden en is één van de topstukken van het kluisarchief’, glunderen de twee onderzoekers. BILZEN-HOESELT ‘Het gebouw stond op grond die de kluizenaar als schenking had ontvangen van Hubert-Maximiliaan de Brouckmans, Heer van Werm’, weet Noel. ‘Die originele notariële akte uit 1709 bevindt zich in ons archief. Een topstuk, want ze is het belangrijkste document uit de geschiedenis van de kluis. Naast andere voorwaarden staat er uitdrukkelijk in dat alle goederen terug gaan naar de Heilige Geesttafel van Werm – de latere COO en nog latere OCMW - bij het verdwijnen van de laatste ‘godminnende’ kluizenaar. En dat is ook gebeurd, want de kluis en aanhorigheden zijn vandaag eigendom van de Stad Bilzen-Hoeselt en vallen onder haar bevoegdheid.’ Nog in 1709 kreeg broeder Vandebrouck toestemming van de deken van het Tongerse Onze-Lieve-Vrouwkapittel om ‘zijn’ kapel te bouwen op voorwaarde dat hij zich zou schikken naar de geestelijke leiding van de pastoor van Riksingen en niet de plaats zou innemen van de parochiekerk van Riksingen, noch van de moederkerk in Tongeren. De laatste bewoners: broeders Martinus en Lambertus Het archief van de Kluis van Vrijhern EDDY VANDOREN Topstuk schenkingsakte Hubertus Brouckmans heer van Werm 1709 Kluis van Vrijhern Arnould (Noel) Daenen en Chantal Swerts
RkJQdWJsaXNoZXIy ODY1MjQ=